KLEUR: Grijsbruine vleugels, donkergrijs in de nek en op de rug lichtere wangen.
Zwarte staart met enkele witte veren gebandeerd. Onderzijde beigebruin,
buik helder rood, intensiever in de broedtijd. de rode onderkant is bij de pop
kleiner en minder scherp. Rode oogstreep. ogen lichtbruin, snavel rood, poten bruingrijs.
GROOTTE: 10 cm.
LAND van herkomst:
Vanaf senegal naar ethipie en het zuidwesten van arabie,
waar een dieper gekleurde nevenras voorkomt. In brazilie is de vogel is uitgezet.
Verzorging
Dit kleine, kwieke vogeltje is elk jaar verkrijgbaar,
lijkt teer en kwetsbaar maar is het geenzins,
Ze komen in een rustige goed beplante voliere tot broeden.
Naast tropisch zaad eten ze gras en onkruidzaad (vers en in geweekte vorm) en
veel insekten, opfokvoer, sepia en mineralen.
Kweek
Ze broeden in een nestkastje die ze vol hooi, gras, wol en veertjes slepen.
Vaak is er aan het nest een aparte slaapkamer voor de jongen geconstrueerd.
Man en Pop broeden afwisselend op de 3 - 5 eitjes.
Ze broeden 12 dagen en na 14 dagen vleigen de jongen uit maar krijgen toch nog
zeven a tien dagen nog de zorg van de ouders.
Als ze anderhalve maand oud zijn zijn de jongen op kleur.